Exclusief: Diepgravend vraaggesprek met Prins Gerlovius

Ze staan alweer op de kalender, de Vijf Dolle dagen in Kloosterburen die carnaval heten. Er wordt hard gewerkt om het feest tot een succes te maken. Een exclusief gesprek met Prins Gerlovius I, de vorst der narren, zotten en gekkies in Kronkeldörp.

Het voelt desolaat, unheimisch, in het ogenschijnlijk uitgestorven Kronkelhoes, het zalencomplex in Kloosterburen, het home van carnavalsvereniging Oldeklooster. Hier en daar nog restjes van de verbouwingswerkzaamheden en in betrekkelijke stilte  worden de voorbereidingen getroffen om het straks als Paleis van de Prins – zo moet men het van de Prins noemen – het centrum van de uitgelatenheid en de carnavaleske gastvrijheid  te laten zijn. In mijn betrekkelijk jonge leven heb ik gesproken met burgemeesters, wethouders,  voorzitters en bestuurders in alle soorten, maten en kleuren. Maar nog nooit met een Prins die vijf dagen de wereldse macht  vervangt  door de Republiek van het Carnaval. Een beetje zenuwachtig dan ook spreek ik met Prins Gerlovius I (Gerlof Alves in het dagelijks leven) en zijn adjudant Frans Hegeman.

Prins Gerlovius en adjudant Frans

Hoogheid, hoe is men er toe gekomen juist u tot Prins uit te kiezen?

De Prins: ‘Wel jonge vriend, dit is een delicate kwestie. Het bestuur van de vereniging zoekt de kandidaat . Men kent mij wel een beetje. Een Prins moet binding hebben met het dorp. Een Prins moet toch een hart hebben dat vol van het carnavalsgevoel is. En heel belangrijk: het moet klikken tussen de Prins en de vereniging. Bedenk dat het succes van mij afhankelijk is van de gigantische hoeveelheid werk dat de vrijwilligers achter de schermen verrichten. Er zijn op dit moment heel veel mensen bezig en ik heb er alle vertrouwen in dat het gaat lukken er weer een grandioos feest van te maken. Bedenk ook dat de carnavalsvereniging in Kloosterburen met 650 leden een van de grootste van Nederland is. Daar zit een enorm narrenpotentieel in. Ik voel mij echt vereerd dat men mij gekozen heeft om aan deze complexe organisatie leiding te geven.’

Als ik u zo hoor praten, hoogheid, denk ik meteen: die Gerlovius is een moderne manager?

‘Ha, ha, u hebt wel gevoel voor humor. Ons carnaval is inderdaad een complex bedrijf waar allerlei commissies en werkgroepen samen dat feest bouwen. Bedenk dat ik word bijgestaan door de zeer ervaren en deskundige carnavalisten van de Raad van Elf. Dat zijn adviseurs en aanpakkers tijdens de feestdagen.  En niet te vergeten: mijn adjudant Frans, mijn rechterhand, mijn steun en toeverlaat.’

Adjudant Hegeman, wat zou er fout kunnen gaan, zodat de Republiek der Zotten onder Prins Gerlovius niet tot een succes wordt?

De adjudant: ‘De Prins en ik delen dezelfde ambities. Ik ben zelf prins geweest in 2012 en die ervaring deel ik heel graag met mijn Prins. Het is natuurlijk zo dat we als vereniging jaren lang ervaring hebben opgedaan. We weten waar risico’s zitten, we weten ook wat onze sterke en zwakke punten zijn. De veiligheid bijvoorbeeld, uit ervaring en op grond van kennis weten we hoe we dit evenement moeten aanpakken. Wij zijn een Zelflerende Narren Organisatie.  Even serieus. Alles is supergoed voorbereid, en dan nu afkloppen……’

Prins Gerlovius I

Hoogheid, op vrijdag 24 februari krijgt u uit handen van de burgemeester de sleutel overhandigd, als teken van uw macht als vorst van Kronkeldörp. Hoe zullen de mensen zich u herinneren? Als de Prins die vijf dagen lang de gemeentelijke tarieven verlaagde?

De Prins: ‘Als ik het voor het zeggen had, zouden de tarieven omhoog gaan en de prijs van het bier omlaag. Maar ja, ik heb ook met adviseurs te maken en andere invloedrijke personen die mij toch niet geheel de vrije hand geven.’

Hoogheid, de gemeentelijke herindeling komt eraan. Hebt u ambities om de narrenrepubliek uit te breiden van Lauwerszee tot Eemshaven toe?

De Prins: ‘Het is nodig dat daar prinselijk beleid op wordt ontwikkeld. De gedachte is zeer interessant. Mijn republiek zou dan groeien van Kronkeldörp naar de Hoogelandster Kronkelgemeente.’

Hoogheid, hoe gaat u de jeugd aanspreken? Hoe voorkomt u dat het carnaval in Kloosterburen vergrijst?

De Prins: ‘We werken daar aan. Op zaterdag 25 februari hebben we het kinderfeest. Bij de andere activiteiten schuiven we al wat op met muziek die wat meer jongeren aanspreekt. Vergeet niet dat bij de opbouw van de praalwagens jongeren al meewerken, die groeien er zo heel natuurlijk in. Het allerbelangrijkste is toch dat de Raad van Elf en de Prins jong van geest blijven. Gevoel hebben voor het aanspreken van het jongere publiek en toch de kern van de traditie overeind houden.’

Wat zal voor u het hoogtepunt van de regeerperiode Gerlovius I zijn?

De Prins: ‘Dat is het feest in verzorgingshuis Olde Heem. Door ingewikkelde omstandigheden zijn veel bejaarden vertrokken en in plaatsen als Leens en Winsum gaan wonen. We gaan al die senioren die Olden Heem hebben verlaten weer bij elkaar brengen op zaterdagmorgen voor een koffieochtend en daarna een maaltijd met stamppot in het vernieuwde Olde Heem. Dit is een hele zware operatie, maar als dat lukt, zullen we trots zijn.’

Adjudant, wat is voor u het hoogtepunt van de Gerlovius-periode?

Adjudant Hegeman: ‘Als we 28 februari, om 24.00 uur het feest afsluiten. Uitpuffen, met een pilsje erbij, terug blikken op een veilig, gezellig en probleemloos feest.  En mooi weer hebben gehad, natuurlijk……..’

Na het gesprek doen we de foto-shoot in het Kronkelhoes. De trots straalt af van de prins en zijn adjudant. Bij het afscheid  krijgen we de klassieke groet van het Alaaf! Dat komt goed, daar in Kronkeldörp.

“Alaaf”

Reacties